Herdenking 4 mei: Gedicht kinderburgemeester en toespraak burgemeester

Vanavond stonden we stil bij de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog en alle vredesmissies hierna. Bij hen die sneuvelden, terwijl er gevochten werd voor de vrijheid. De herdenkingsdienst vond plaats in de Nederlandse Hervormde Kerk. De heer Joop van den Berg, kerkelijk werker Hervormde Gemeente, leidde de dienst. De heer Andries Looijen en mevrouw Corrie Mol, van het 4 mei comité, lazen de namen voor van de oorlogsslachtoffers. Vervolgens las Kinderburgemeester Steyn Almekinders een gedicht voor en hield burgemeester Fons Naterop een korte toespraak.

Gedicht kinderburgemeester

Wat weet ik nu van de tweede wereldoorlog?
Ik ben pas 12 jaar…
Er werd hard gevochten, er was verraad en bedrog
Het is lang geleden, mijn overgrootouders waren daar.

Wat heb ik geleerd over de oorlog?
Uit de gesprekken thuis aan tafel, uit de schoolboeken in de klas
Dat er nooit meer oorlog moet komen, maar alsnog…
Zijn de mensen soms vergeten hoe erg het was?

Hoe zou ik zijn in een oorlog?
Moet ik dan onderduiken, ben ik bang of zal ik mij verzetten?
Hopelijk kom ik daar nooit achter, maar toch…
Ruzies liggen op de loer en we moeten blijven opletten.

Vergeet men dan hoe erg het was in de oorlog?
Alle verdriet, honger, angst en pijn?
We hebben beloofd dit nooit meer te laten gebeuren en toch…
Toch zijn er veel wapens en wil iedereen graag de baas over de wereld zijn.

Herdenken we daarom op 4 mei de slachtoffers van de oorlog?
Misschien is niet iedereen zijn geheugen even goed
Twee minuten stilte, dat moet wel lukken toch?
Voor iedereen die zich heeft verzet en voor hun getoonde moed.

Daarom herdenken we op 4 mei
Om iedereen te eren die zijn leven heeft gegeven
Zodat wij het onze in vrede en vrijheid kunnen leven.
Om nooit te vergeten ben ik 2 minuten stil op 4 mei en ik hoop ook u en jij….

Steyn Almekinders
Kinderburgemeester gemeente Kapelle

Toespraak burgemeester

Op 4 en 5 mei staan we samen stil bij vrijheid.

Dames en Heren, jongens en meisjes: Vandaag 4 mei herdenken we en morgen op 5 mei vieren wij traditiegetrouw dat wij in vrijheid mogen leven.

We herdenken 76 jaar na dato de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog maar zeker ook alle vredemissies waar Nederland de afgelopen decennia aan deelnam zoals ruim 25 jaar geleden de val van Srebrenica, waar recent het kabinet een gebaar van erkenning aan de Dutchbatters heeft gegeven die daar ook een missie hebben volbracht.

We staan stil bij de gesneuvelden, terwijl er gevochten werd voor de vrijheid.

Toen we vorig jaar, ook hier met een beperkt aantal mensen, 75 jaar na dato herdachten, hadden we zeker nog de hoop dat Covid volgend jaar verleden tijd zou zijn. Niets is minder waar. Het virus heeft vele slachtoffers de dood ingejaagd en velen ondervinden nog steeds de naweeën van deze sluipende ziekte.

Code zwart is deze maand nog steeds een reëel scenario en in de ziekenhuizen wordt al maanden onder hoogspanning gewerkt. Tegelijkertijd zijn we er allemaal klaar mee, gaan de terrassen open en wordt de druk op de regering opgevoerd om onze vrijheden weer terug te geven.

Onze vrijheid terug geven. Vanaf het begin van de pandemie was er al een roep naar perspectief. Onze generatie en de samenleving is het niet gewend om vrijheid te koppelen aan gebondenheid.

Annie MG Schmidt heeft begin 70 jaren een gedicht geschreven met de titel: ‘Vluchten kan niet meer’ o.a. vertolkt door Jenny Arean. Vluchten kan niet meer, ik zou niet weten hoe. De parallel met het gevoel van oorlogstijd en onze huidige tijd dringt zich op maar is zeker niet eerlijk en écht te vergelijken.

Bij een dag als vandaag mogen wij er best eens bij stil staan dat die zeer beperkte gebondenheid van vrijheden een risico is en een voedingsbron kan zijn voor onvrede die kan escaleren. Onvrede was er ook in de jaren ’30 van de vorige eeuw.

Ook in onze tijd roeren de mensen met de grootste mond zich maar nu op sociale media. En als je een grote mond hebt, krijg je sneller een podium bij Beau of Op1. Voor je het weet hebben de radicale figuren een grote groep achter zich aan. Op straat zie je groepen die de overheid willen ondermijnen en intimiderend gedrag vertonen. Zolang het allemaal binnen de grondwettelijke lijntjes past vinden we dat het kan maar toch… Mag ik er een vraagteken bij plaatsen en het een zorgpunt noemen.

Nederland is een vrijgevochten natie, misschien wel te. Alles moet kunnen. We zijn te gewend geraakt aan ons verwende bestaan. Als het even tegenzit, worden we boos en groeit op links en rechts polariserend gedrag. Tegenstellingen worden uitvergroot en solidariteit is ver weg. Mijn waarheid is immers dé waarheid en de jouwe interesseert mij niet.

De rechtstaat piept en kraakt. Veel mensen zien niet meer in dat het vrij uitzonderlijk is dat we al zo lang in vrede leven. Ik heb zelf de oorlog niet meegemaakt maar ben wel opgegroeid in het besef dat het bijzonder is om in vrede te leven.

Vandaag is hét moment van bezinning en reflectie. We staan er bij stil dat die vrijgevochten natie die nu verwende trekjes vertoont, ontstaan is doordat onze voorouders 5 jaar lang een enorme behoefte hadden naar een bloeiende toekomst en een hunkering naar vrijheden. Offers zijn gebracht om 76 jaar vrijheid te vieren.

De beproeving die we nu doorstaan kent veel persoonlijk leed maar de vrijheden in gebondenheid zijn peanuts in vergelijking waar onze voorouders mee werden geconfronteerd. Wat leren we ervan als straks de vaccins hun werk hebben gedaan en het reizen over de landsgrenzen en genieten van onze vrijheden weer kan?

Zijn we dan die Covidperiode weer snel vergeten of staan we er regelmatig bij stil en vieren we de vrijheden en leren we er weer van.

We hebben zojuist een mooi gedicht gehoord van Stijn, onze kinderburgemeester. Stijn gaat na de zomer naar het Middelbaar onderwijs en hij kijkt er naar uit. Een nieuwe levensfase in zijn nog jonge leven. Maar stel Stijn dat jouw school in de zomer wordt gebombardeerd en jouw droom een nachtmerrie wordt. Niet op de fiets naar school om te leren en je te ontwikkelen maar een dagelijks vlucht naar de schuilkelder om te overleven.

Vluchten kan niet meer, ik zou niet weten waar naartoe.

Als ik langs de kruizen op de Franse begraafplaats in Kapelle loop en ik lees de namen met de geboortejaren, groeit bij mij het besef dat het allemaal nog jonge knullen waren van amper 20 jaar oud. Door hun vaderland heen gezonden naar een voor hen vreemd land om hun plicht te doen. De dood ingejaagd door een kogel, een granaatscherf of door een luchtaanval.

Voor hen was het vluchten kan niet meer, het heeft geen enkele zin, als je aan het front aan het vechten bent.

Onze jeugd van 20 jaar wordt niet verplicht heengezonden om elders te vechten voor de vrijheden van anderen maar zij ervaren hooguit een ophokplicht om thuis te blijven, niet naar de kroeg te kunnen, een stage niet af te ronden. Is dat erg, ja dat is heel erg maar wel in het juiste perspectief graag.

Vluchten kan niet meer, nee dat klopt,  je vrijheden worden enigszins beknot maar laten we zesenzeventig jaar na dato blijven beseffen dat herdenken van hen die zich opgeofferd hebben om onze vrijheden van nu, morgen mogen vieren. Want de vrijheden van nu zijn slechts enigszins beknot maar in essentie nog fier overeind gebleven.

Opdat wij nooit zullen vergeten!